Zwart-witfotografie blijft onverminderd populair, maar hoe kom je tot de beste monochrome foto? Dit artikel verkent verschillende manieren van vastleggen en converteren naar zwart-wit, van camera-instellingen tot nabewerking op de computer.
Fotografie in zwart-wit, of beter gezegd monochroom (één kleur, want ook zwart is een kleur), is nooit weggeweest. Sommige foto’s lenen zich daarvoor heel goed, soms zelfs (veel) beter dan wanneer ze in kleur zouden worden getoond. In reclame, in tijdschriften, tv of internet wordt veel geleund op zwart-wit. Dit zal er zeker aan hebben bijgedragen dat zwart-wit een blijvertje is én zich kan verheugen op een grote schare aan liefhebbers. Je benadert een opname anders, omdat je alleen in zwart wit kunt werken. Daardoor ga je bewuster kijken naar licht, vormen, lijnen en contrast, word je minder afgeleid door kleur en ontwikkel je een sterkere compositie-intuïtie. Je hoort ook vaak dat het een fotograaf dwingt bewuster te kiezen, en dat het een meer documentaire, tijdloze stijl van fotograferen oplevert.
Ondanks (of juist door?) alle mogelijkheden die een moderne digitale camera en/of menige app op de computer, tablet of telefoon te bieden heeft, is de hoofdvraag – voor velen – hoe je het beste een foto omzet naar zwart-wit. Er zijn daarvoor diverse manieren: hetzij met de juiste instelling van de camera, hetzij met de nabewerking op de computer, tablet of telefoon. In dit artikel wordt voor wat betreft de nabewerking verder gefocust op de computer.
Met de camera
Verreweg de meeste digitale camera’s maken de foto’s uitsluitend in kleur op basis van drie (soms vier) primaire kleuren. De beeldgevoelige beeldchip (CMOS of CCD) is op basis daarvan ontworpen. Een zwart-witfoto is in de meeste gevallen dus in feite onderhuids een kleurenfoto. Maar toch zijn er enkele camera’s die uitsluitend foto’s in zwart-wit vastleggen, zoals de Leica M10 Monochrome, de Pentax K3 Mark III Monochrome, en de Ricoh GR IV Monochrome. Deze camera’s hebben een speciaal ontworpen beeldchip en dito firmware. Zo’n digitale zwart-witcamera is zeker geen gimmick; het werkt technisch anders dan een “gewone” digitale camera. Dat biedt een aantal voordelen die je met een “gewone” digitale camera niet kunt evenaren. De belangrijkste voordelen zijn een hogere scherpte en detailweergave. Een monochrome sensor heeft geen Bayer-filter (het kleurfilter dat normaal boven elke pixel zit) en dat betekent dat elke pixel 100 procent van het licht vangt, geen interpolatie (demosaicing) kent, en een fijner microcontrast. Dit levert zichtbaar scherpere beelden op, vooral in texturen, architectuur en landschappen.
Doordat zo’n monochrome camera lichtgevoeliger is (één tot twee stops) betekent dat minder ruis, hogere dynamiek, betere schaduwdetaillering en hogere bruikbare ISO-waarden. Verder registreert een monochrome sensor alle nuances van lichtintensiteit direct, zonder de noodzaak om kleurinformatie om te zetten. Het resultaat is vloeiendere grijstonen, diepere zwarten, subtielere highlights en een “filmische” tonaliteit die dichter bij analoge zwart-witfilm komt. Voor de ware liefhebber van fotograferen in zwart-wit zijn dit fantastische apparaten, die geweldige resultaten opleveren die verder gaan dan een “gewone” digitale camera. Aanvankelijk waren zulke speciale camera’s zeer prijzig (zoals de genoemde Leica) maar met de komst van de voornoemde Pentax en Ricoh camera’s – beiden hele fijne toestellen – is dat een flink stuk betaalbaarder en daarmee voor een breder publiek bereikbaar geworden.

De Leica M10 Monochrome

De Pentax K3 Mark III Monochrome

De Ricoh GR IV Monochrome
Instellingen
Terug naar de andere digitale camera’s. Die kennen een instelling voor zwart-wit, vaak in combinatie met filterinstellingen voor specifieke effecten door verschuivingen in de grijswaarden (vergelijkbaar met de gekleurde filters – geel, oranje, rood, groen en blauw – die veelal bekend zijn van de analoge fotografie in zwart-wit, maar in digitale vorm nog steeds actueel zijn). Sommige, wat meer uitgebreide camera’s, hebben de mogelijkheid om achteraf in de camera foto’s om te zetten naar zwart-wit: een soort van (beperkte) digitale doka in de camera. Of dat handig is, is persoonlijk; niet iedereen vindt het prettig om de omzetting te doen op het relatief kleine lcd-scherm van de camera en doet dat liever thuis op de eigen computer, met vertrouwde toepassingen en een comfortabel groot beeldscherm. In de regel heb je met de fotoprogramma’s thuis op de computer – RAW-converter en/of fotobewerkingsprogramma – veel meer (verfijnde) mogelijkheden voor een geslaagde conversie. Maar toch hebben die twee opties in de camera (direct vastleggen in zwart-wit of na de opname omzetting naar zwart-wit in de camera) wel degelijk voordelen: in geval van twijfel, als je zeker wil weten of een bepaald motief zich wel of niet leent voor presentatie in zwart-wit en hoe het resultaat eruit ziet. Als je vaststelt dat voor een bepaalde opname zwart-wit interessanter is, kun je desgewenst op locatie nog zaken zoals compositie of belichting daarop aanpassen.
Welke manier van converteren
Voor conversie naar zwart-wit leiden, zoals hiervoor al aangehaald, meer wegen naar Rome. Dat geldt zowel bij conversie van ruwe fotobestanden met de RAW-converter (dat wil zeggen als je fotografeert in RAW, en dat is zeer aan te raden voor de serieuze fotograaf die alle beschikbare kwaliteit wil benutten), als bij de conversie in het bewerkingsprogramma. Beide opties worden hieronder nader uit de doeken gedaan.
De rest van dit artikel is alleen beschikbaar voor HCC-leden. Ben je HCC-lid? Om het gehele artikel te lezen dien je ingelogd te zijn. Nog geen HCC-lid? Word nu lid en kies je welkomstgeschenk!

Het eindresultaat, waarvoor je het doet